7 reacties op “RAG de Graaff overleden

  1. Ik heb RAG altijd als één van de meest iconische leden van LSG gezien. Met name dankzij zijn meesterlijke uiterlijk.

    Ook maakte hij altijd een hele prettige indruk als persoon; sympathiek, zachtaardig en toch met een randje van afstandelijkheid, waarschijnlijk door het grote verschil in niveau. Een mooie man.

    Ik ben benieuwd naar zijn mooiste partijen. Als iemand een partij heeft waar RAG bijzonder trots op was zou ik zeggen: plaats hem hieronder. Of in een uitgebreider In Memoriam natuurlijk.

  2. Zijn beste partij vond hij zelf zijn partij tegen Frans Borm, waarvan hij de notatie niet meer had. Zie ook het interview in het clubblad van zomer 2013. Kan nu even niet zo snel het digitale archief vinden.

  3. RAG was allereerst een heer in alle opzichten. Een anekdote daarover: tijdens een snelschaaktoernooi werden de deelnemers door een gehaaste wedstrijdleider in elke nieuwe ronde aan de hand van hun indelingsnummer naar de juiste borden gedirigeerd. Dat was tegen het zere been van RAG die als volgt riposteerde: “ik ben geen nummer, maar een heer”. Verder was RAG een prima, goed scorende teamgenoot met een prachtig, droog gevoel voor humor. Hij spaarde niemand met zijn rake opmerkingen, zichzelf in de eerste plaats. Qua schaaktechniek muntte hij in zijn beste jaren uit in de nauwkeurige opbouw van zijn posities met diep inzicht in de merites van de stelling. Ik prijs me gelukkig dat ik jarenlang met hem in één team mocht spelen.

  4. Triest. Vond RAG een van de meest bijzondere team- en clubgenoten die ik heb meegemaakt. Verloor aanvankelijk ook altijd van hem. Ook al was ik op papier misschien sterker. Later ging hij steeds meer (reken)foutjes maken. Ondanks dat bleef hij altijd beschaafd en aardig.

    Kwam hem ook nog wel eens tegen op de universiteit toen ik daar (deed alsof ik) studeerde. Hij was een van de weinigen tegenover wie ik me schuldig voelde dat ik er een potje van maakte. Ook al heeft hij er natuurlijk nooit echt een opmerking over gemaakt.

    Jammer dat hij er niet meer is. Sterkte aan de nabestaanden.

  5. Nog een anekdote met betrekking tot de universiteit, van jaren terug, een van mijn eerste ervaringen met RAG. We speelden nog op de Lange Mare. RAG had altijd twee brillen bij zich. Als de klok werd ingedrukt ging de ene bril op en de andere bril af en vice versa. Een keertje had RAG zijn bril op de club laten liggen. We gingen toen nog tot 3 uur door ’s nachts en na afloop zag ik zijn bril op een tafeltje liggen, maar hij was al weg. Er waren toen nog geen mobieltjes, geen internet etc. Maar aangezien ik destijds op het Gorlaeus schoonmaakte wist ik dat hij daar werkte en heb de volgende dag zijn bril daar netjes teruggebracht. Hij blij dat ie zijn bril weer terughad en ik blij dat ik iets nuttigs kon doen 😉 Ik schaakte toen nog maar net dus je kunt je voorstellen wat zo’n imposante man dan met je doet!

  6. ‘Gaan we vandaag een mooie pot spelen?’ Ik keek in het rustige, vaderlijke en ook ietwat ironische gezicht van RAG de Graaff en ik voelde hoe de spanning uit me wegtrok. RAG was voor mij dé autoriteit van Philidor en dat werd verder versterkt toen bleek dat hij dezelfde absolute autoriteit met mij deelde: Paul Keres.
    Uit zijn woorden sprak vertrouwen en dat had ik nodig want ik zou die middag mijn debuut voor Philidor maken. Ik nam me voor niet alleen te winnen maar ook om dat groots te doen. En dat voornemen veranderde niet toen bleek dat het jeugdtalent Roy Dieks mijn tegenstander zou zijn.
    En inderdaad wist ik met een stukoffer een gewonnen stelling te krijgen. Helaas zag ik nog iets mooiers; dat zou zeker indruk op RAG maken. Een torenoffer, zodat ik een pionnenblokje f6, g6 tegen de zwarte koningsstelling f7,g7 en h7 kreeg. Uit, dacht ik in euforie, maar er bleek niets meer in te zitten dan eeuwig schaak. Na afloop zei RAG niets, maar hij publiceerde de partij in Schaakbulletin met het droge commentaar: ‘Een briljante manier om vanuit gewonnen stelling remise te maken’

    Daarna moedigde hij me voorafgaand aan iedere wedstrijd aan met de woorden: ‘Gaan we vandaag weer een mooie pot spelen?’ Tot aan 1975 toen ik Philidor verliet.
    Later kwam ik hem nog sporadisch tegen maar altijd weer viel me zijn vriendelijke rustige ironie op.
    Een fijn mens en de herinnering aan de woorden: ‘Gaan we vandaag weer een mooie pot spelen ?’ zal RAG voor mij springlevend houden.