Opgeven kan altijd nog…

Ik sta (met zwart) twee pionnen voor en ik dreig de aanval over te nemen, dus mijn tegenstander moet snel zijn met 46. Dc8. Dit had ik uiteraard zien aankomen en ik reageerde met 46…Df3+ 47. Kh3 Txf2, onder de veronderstelling dat wit niet meer dan een paar schaakjes zou hebben. Mijn tegenstander zag ook geen redding meer en gaf op. Maar toch zat er nog een verborgen mogelijkheid in de stelling. Welke, en hoe eindigt de partij dan? Eerst zelf kijken, daarna pas verder klikken voor de oplossing! 

Laten we wat schaakjes proberen, zwart dreigt immers mat: 48. Tg8+ Kh6 49. Th8+ Kg5 50. Dc1+. Nu is 50…Kf5 51. Dc8+ een zetherhaling, dus zwart speelt 50…e3. “En er zijn geen schaakjes meer”, zo redeneerde ik tijdens de partij. Soms heb je van die vervelende mensen die je dan vertellen dat wit strikt gesproken nog wel twee schaakjes kan geven. En die mensen hebben gelijk, je moet namelijk nooit stoppen met rekenen zolang er nog geforceerde mogelijkheden zijn! Wit speelt 51. Dxe3+ Dxe3 52. Th5+, de toren moet geslagen worden, en het is pat!

Pat, daar hadden we allebei totaal niet aan gedacht in deze stelling. Michiel wel, en die kon zijn ogen niet geloven toen ik de truc toeliet…en mijn tegenstander opgaf! Was het dan inderdaad zo dat mijn tegenstander een remisestelling heeft opgegeven? We dachten na de partij van wel, net als alle GMs en IMs aan de bar waaraan we het fragment hadden laten zien. Op de terugreis flitste de stelling weer even door mijn hoofd. En ineens zag ik een weerlegging van de pattruc: in plaats van de dame te slaan kan ik 51…Kf5 spelen. Alle patmotieven zijn uit de stelling gehaald, en wit is gedwongen om af te wikkelen naar een kansloos toreneindspel. Gelukkig klopte alles dus toch voor mij!

Speel de variant door via de viewer hieronder:

 

 

 

 

 

2 reacties op “Opgeven kan altijd nog…